Voor al die afstandsmoeders en hun kinderen. En voor mijn geboortemoeder.
AFSTAND
Ze wilde haar nog even zien
Alsof het kind was doodverklaard
Een bastaard!
Daar lag ze, haar meisje lachte
Dat kun je niet, jij vrouw zonder vent
Laat het achter!
Geef het op, je kinderwens
Aan een ander, een onbekende
Schop dat vogeltje uit het nest!
En zo baarde ze slechts
een verlaten eierschaal
Op de kale tak van een boom
Al was het jong niet gestorven
Zo wel haar droom
Niet dood, wel bedorven
Waar zou ze zijn gevlogen?
Haar lied, hoe zou het klinken?
Wat is de kleur van haar ogen?
Wat over blijft is afstand
De nood gestuurd en de dwang
Een vrouw alleen houdt geen stand
Noch heeft ze die, noch waarde
Maar nooit vergat ze
wie ze baarde, en wanneer
Ze grifte haar naam in de stam
voordat iemand haar meenam
En kerfde daar de jaren, nog vele jaren.
Joke Kaviaar, 21 april 2026